| Datum | 21 februari 1983 |
| Vak | Electrische installaties |
| Vragen | 4 vragen |
| Tijd | 45 minuten |
| Bevoegdheid | Zweefvliegtechnicus A I |
1. Wat verstaat men onder impedantie van een spoel en een condensator en hoe wordt deze van elk bepaald?
2. Geef een verklaring waarom de accumulator aan boord van een motorzweefvliegtuig doorgaans een grotere capaciteit zal hebben dan in een zweefvliegtuig.
3. Waarom is bij een gelijkstroommotor het regelmatig controleren van de koolborstels noodzakelijk?
4. Beschrijf de verschillen tussen een laagspannings-magneetontstekingssysteem en een hoogspanningssysteem. Geef van beide een schema en verklaar van één van de twee de werking.
Overige beschikbare vakken van dit examen: Vliegtuigen, Motoren, Instrumenten
Terug naar examen opgaven ZVT B examen info