| Datum | 28 oktober
1985 |
| Vak | Electrische installaties |
| Vragen | 3 vragen |
| Tijd | 30 minuten |
| Bevoegdheid | Zweefvliegtechnicus A |
1. Van figuur 1 wordt gegeven: U = 14V, R1 = R3 = 10 Ohm, R2
= R4 = 4 Ohm. Gevraagd:
- a. Ucd
- b. Uab en It indien R5 = 7 Ohm en R6 oneindig
- c. Uab en It indien R5 = 0 Ohm en R6 = 7 Ohm
- d. Uab en It indien R5 = 7 Ohm en R6 = 7 Ohm
- e. Hoe groot is het in R5 gedissipeerde vermogen in de gevallen
b, c en d?
- f. Indien de voeding door een accumulator wordt geleverd met
een capaciteit van 24 Ah, hoe lang zal dit samenstel van weerstanden
gevoed kunnen worden in de gevallen b, c en d? Kunt u een verklaring
geven voor eventuele verschillen in deh theoretisch berekende
tijden en werkelijk te meten waarden?
- g. Indien verondersteld wordt dat (R1 + R2), (R3 + R4) en
(R5 + R6) elk afzonderlijk de elektrische belasting van een verbruiker
in een zweefvliegtuig vertegenwoordigen, geef dan d.m.v. letters
in de gegeven figuur aan waar u thermische beveiligin zult toepassen,
met redenen omkleed.
Figuur 1
2. Beschrijf de redenen waarom een goede bonding van een zweefvliegtuig
noodzakelijk is.
3. Geef de primaire functie van een thermische beveiliging van
een elektrische installatie in een zweefvliegtuig en geef tevens
aan welke faktoren de keuze van de beveiligingswaarden bepalen.
Overige beschikbare vakken van dit examen: Vliegtuigen,
Instrumenten
Terug naar examen opgaven ZVT A examen info