| Datum | 24 maart 1986 |
| Vak | Vliegtuigen |
| Vragen | 10 vragen |
| Tijd | 60 minuten |
| Bevoegdheid | Zweefvliegtechnicus A |
1. Waarom is het voor moderne prestatiezweefvliegtuigen belangrijk dat de vleugels een grote torsiestijfheid bezitten?
2. Wat gebeurt er met de draagkracht van een vleugel indien de snelheid bij gelijkblijvende invalshoek tweemaal zo groot wordt?
3. Hoe noemt men een materiaal met een grote elasticiteitsmodulus?
4. Hoe wordt het vochtgehalte van hout bepaald?
5. Stel dat een houten gording een doorsnede van 14 cm2 heeft. Hoe groot diend dan de gordingdoorsnede van een GVK materiaal te zijn ter handhaving van gelijke sterkte?
6. Wat verstaat men onder een voorgevormde staalkabel?
7. Welke lijmsoorten zijn in de zweefvliegtuigbouw toegestaan bij:
8. Beschrijf in het kort de verschillende methoden van hardheidsbepaling van metaal.
9. Op een werktekening staat:
Handelt het hier in beide gevallen om "vliegtuigmateriaal"?
10. Beschrijf aan de hand van een schets hoe men het zwaartepunt van een zweefvliegtuig kan bepalen.
Overige beschikbare vakken van dit examen: Instrumenten, Electrische installaties.
Terug naar examen opgaven ZVT A examen info