| Datum | 28 oktober 1985 |
| Vak | Vliegtuigen |
| Vragen | 14 vragen |
| Tijd | 60 minuten |
| Bevoegdheid | Zweefvliegtechnicus A |
1. Van een zweefvliegtuig is gegeven:
| Gewicht van vleugel rechts | 72,2 | kg |
| Gewicht van vleugel links | 70,8 | kg |
| Gewicht van vleugelstijlen | 9,9 | kg |
| Gewicht van romp | 112,2 | kg |
| Gewicht van stabilo/hoogteroer | 9,3 | kg |
| Toegestaan gewicht van de niet-dragende delen | 234,0 | kg |
| Maximum startgewicht | 384,0 | kg |
| Maximum gewicht van de bestuurder betrokken op de stabiliteitsvoorwaarden | 100,0 | kg |
2. Wat verstaat men onder "specifieke sterkte"?
3. Heeft een materiaal met een hoge elasticiteitsmodulus een grote of een geringe stijfheid?
4. Wat verstaat men onder "veiligheidsfactor"?
5. Wat verstaat men onder "spanningscorrosie"?
6. Hoe bepaalt men het vochtgehalte van hout?
7. Welke lijmsoorten zijn in de zweefvliegtuigbouw bij houtconstructies toegestaan? Welke bij kunststoffen?
8. Wat verstaat men bij aluminium onder Al-Cu-Mg? Wordt dit in de vliegtuigbouw toegepast? Wat verstaat men onder Al-Zn? Past men dit in de vliegtuigbouw toe?
9. Hoe bepaalt men de kwaliteit van een "linnen" bespanningsstof van een zweefvliegtuig?
10. Wat verstaat men onder luchtdichtheid?
11. Teken hoe de drukverdeling op een vleugel tijdens de vlucht is?
12. Op een werktekening staat 40H7. Wat betekent dit?
13. Wat verstaat men onder "cementeren"?
14. Schets in bovenaanzicht een "opengewerkte" houten zweefvliegtuigvleugel en benoem de onderdelen.
Overige beschikbare vakken van dit examen: Instrumenten, Electrische installaties.
Terug naar examen opgaven ZVT A examen info